Andriessen/Consultare groot onderhoud aan orgel Sint-Walburga (B) Veurne

2 december 2011

Historiek van het instrument:

In 1743 leverden de deRijselse orgelbouwers Gobert en Bosquet het groot orgel. Jean-Joseph Vanderhaeghen voegde in 1785 het rugpositief toe in de balustrade. Na de Franse Revolutie werd niet alleen het lood van het kerkdak aangeslagen, maar ook alle metalen orgelpijpen.

Bij het hernemen van de openbare eredienst in 1802 werd de sint-Walburga gewone parochiekerk. In 1809 werden in het groot orgel nieuwe pijpen geplaatst door René Gremain uit Ieper. In 1813 werd ook de rest van het orgel door hem speelklaar gemaakt. Vanaf 1820 (Germain was dan te Rijsel gevestigd) werd het instrument grondig verknoeid door onkundige herstellers, zodat het in 1840 grondig moest hernieuwd worden door Van Peteghem uit Gent.

Bij de herstelling in 1840 schreef Pierre_Charles Van Peteghem op een plank van het orgel: “Desenschoonen orgel was van de Franschengeplundert behalve alles wat hout was, en vernieut door den Waele Germain van Yperen in 1809, verder vermoort geweest door de volgende ravaudeurs ofte orgelmoorders, 1eFretijn (van Nieuwpoort, perruquier) en acutelen orgelmaker te Brussel, 2eHostekijn nog een slegteren, 3eOrmet van Gent onkundigste der wroetelaars…”.

Voor 1900 was het koor van de kerk naar het westen afgesloten door het doksaal met orgel, het koorgestoelte en de koordeur die nu tegen de westmuur van de kerk staan. Na de bouw van de neogotische kruisbeuk en het schip in 1908 werd het ensemble – onder grote polemiek – verplaatst door orgelbouwer Delmotte uit Doornik. Het orgelbuffet werd in een hoek van het doksaal geschoven zodat het neogotische glasraam van de westgevel vrij bleef. Het orgel werd ook naar de toenmalige romantische tijdsgeest omgebouwd.

Pas bij de restauratie van 1957 door de gebroeders Loncke kreeg het zijn huidige opstelling. Door de vroegere opstelling van het instrument midden de kerk, heeft het orgel een dubbel front. Ook de achterkant bevat sprekende orgelpijpen, uniek in België.

Het orgel heeft 41 registers, 3 klavieren en pedaal:

Dispositie:

Pedaal I, C-f’’’
1. Gedekt 16′
2. Octaafbas 8′
3. Gedekt 8′
4. Kwintbas 5 1/3′
5. Koraalbas 4′
6. Octaaf 2′
7. Ruispijp 3 r’
8. Trompet 16′
9. Trompet 8′
10. Trompet 4′
Rugpositief, C-g’’’
11. Gedekt 8′
12. Prestant 8′
13. Fluit 4′
14. Nazaard 2 2/3′
15. Oktaaf 2′
16. Terts 1 3/5′
17. Stemmeke 1′
18. Kornet 3 r
19. Vulwerk 3 r
20. Kromhoorn 8′
Groot orgel, C-g’’’
21. Kwintadeen 16′
22. Prestant 8′
23. Holpijp 8′
24. Prestant 4′
25. Roerfluit 4′
26. Octaaf 2′
27. Fluit 2 ‘
28. Kornet 5 r
29. Vulwerk 3 r
30. Cymbel 3 r’
31. Trompet 8′
32. Trompet 4′
Borstwerk, C-g’’’ zwel
33. Roerfluit 8′
34. Kwintadeen 8′
35. Gemshoorn 4′
36. Prestant 2′
37. Larigot 1 1/3′
38. Octaafke 1′
39. Tertiaan 2 r
40. Cymbel 3 r
41. Regaal 8′
Tremulant

Koppelingen :
Ped. + I
Ped. + II
I        + III
II      + I
II      + III

Stemming: Valotti

Toonhoogte: a =440Hz

Uit te voeren werken:

Het orgel in- en uitwendig reinigen, orgelkas wassen en opboenen, slepen afstellen, ventielkleppen reinigen, pijproosters fixeren, reparaties uitvoeren aan steminrichtingen pijpwerk, ingezakte frontpijpen repareren, intonatie wordt gecontroleerd op aanspraak en egaliteit. Aansluitend wordt het orgel generaal gestemd.

gerealiseerd maart 2012.

 
     
Copyright ©2009 Consultare | Powered by Air-Time | Hosting by SurfHost